Veel klimmers die het wel eens geprobeerd hebben weten het; het beklimmen van spleten in rots is een hele specifieke discipline binnen het vrijklimmen. Bij spleetklimmen pak je niks vast, het is de kunst om ruimtes op te vullen.

Op 3 en 4 september organiseer ik een cursus spleetklimmen in het Duitse klimgebied Ettringen. Deze groep basalt rotsen met prachtige parallellen spleten is bij uitstek geschikt om de technieken van het spleetklimmen onder de knie te krijgen. Naast het aanleren van de klimtechnieken op toprope leer je ook meer over het plaatsen van mobiele zekeringen en het voorklimmen van spleten. Verder krijg je de kans om eenvoudige artificiële klimtechnieken te leren, op deze manier kun je altijd zelfstandig het touw boven brengen ook als een touwlengte net iets te moeilijk blijkt te zijn.

De bedoeling van het weekend is om op je eigen niveau spleten te klimmen en zoveel mogelijk op dit gebied bij te leren. Voorklim ervaring is vereist, maar je klimniveau hoeft niet hoger dan 5c te zijn. De praktijk leert namelijk dat zelfs de meest ervaren 7a-klimmer de eerste keer moeite heeft met een vijfdegraad spleetroute…
Datum: 3 en 4 september 2011.
Aantal deelnemers: minimaal 6 en maximaal 8.
Kosten: € 175,- per persoon.
Benodigd materiaal: helm, comfortabele klimschoenen (liefst met sokken erin), lange broek, rol sporttape en gordel.
Deelname eisen: Voorklim ervaring in rots, voorklim niveau 5c.
Aanmelden via: martin@bigwall.nl
June 20th, 2011 | Posted in Algemeen | Comments Off

Ik zal hem missen.
May 23rd, 2011 | Posted in Algemeen | Comments Off
Tijdens mijn begin jaren als klimmer heb ik vele fouten gemaakt, mijn leercurve was steil en bij nader inzien niet geheel ongevaarlijk. Maar de grootste kwaal waar ik jaren lang mee rond heb gelopen heeft niks met gevaar te maken: Ik dacht dat ik fysiek steeds sterker moest worden om een betere klimmer te zijn.
Maar nu, zo’n vijftien jaar later, zie ik duidelijk dat ik met meer zelfvertrouwen ben gaan klimmen toen ik besefte dat mijn voeten mijn sterkste bondgenoten zijn tijdens een confrontatie met de zwaartekracht.
Als ik vergelijk hoe ik vroeger klom en hoe ik nu klim, dan is daar een groot verschil. Tegenwoordig kijk ik tijdens het klimmen voor ongeveer vijfenzeventig procent van de tijd naar beneden, naar mijn voeten. De rest van de tijd kijk ik omhoog om een greep te pakken en het routeverloop in de gaten te houden. Ik maak hierbij kleine stapjes, soms wel drie of vier voordat ik mijn handen weer verplaats. Door kleine stapjes te maken vind ik het eenvoudiger mijn balans te houden en gebruik ik uiteindelijk minder energie.

In de klimhal en in de rotsen neem ik regelmatig de tijd om routes ook weer af te klimmen. Dit is een goede oefening omdat je plotseling de hele tijd naar je voeten zult kijken. Eraan gewend zijn om stukken af te klimmen geeft me ook meer zelfvertrouwen tijdens het voorklimmen van een enge of moeilijke route. Als ik een stuk tegemoet klim waarvan ik niet zeker ben of ik er zekeringen kan plaatsen of dat het me überhaupt gaat lukken om er doorheen te klimmen dan heb ik altijd het geruststellende gevoel dat ik in staat ben om bijna alles wat ik opklim ook weer af te klimmen.
Het gebruik van grote klimschoenen met sokken erin was even wennen, maar niet meer dan dat. Sokken zorgen ervoor dat mijn klimschoenen comfortabel zitten en ik aan het einde van de dag nog steeds zin heb om op mijn voeten te staan. Als je een moeilijke route wilt proberen, gebruik dan tijdens het inklimmen comfortabele klimschoenen en ga jezelf met te kleine klimschoenen pas pijn doen als het echt nodig is.
Om steeds beter te gaan klimmen is het goed om veel te trainen, maar vergeet hierbij niet om voldoende tijd te besteden aan je (voet-) techniek. Als je technisch goed klimt zul je minder kracht verspillen en beleef je uiteindelijk meer plezier aan een route. Het grote voordeel van een goede techniek is ook dat je die niet snel meer kwijt raakt, terwijl moeizaam verkregen kracht en uithoudingsvermogen verdwijnen als je een tijdje niet in de gelegenheid bent om veel te klimmen.
March 13th, 2011 | Posted in Algemeen | Comments Off
Ik denk steeds vaker met plezier terug aan mijn begin jaren als klimmer, voorheen schaamde ik me wel eens voor mijn haast obsessieve acties van toen, maar tegenwoordig zie ik duidelijk dat ik heel graag zelf wilde ervaren wat klimmen inhield. Ik had het boek Hoge Toppen van Reinhold Messner versleten en voelde me daarmee klaar om er zelf op uit te trekken. Mijn eerste beklimming, althans zo voelde het, staat me nog helder voor de geest.
De Getordeerde Torens, in de volksmond ook wel de Wokkels genoemd, staan aan de rand van het Zuid Hollandse dorp Waddinxveen en hebben hun naam en vorm te danken aan kunstenaar Herman Makkink die de twee uit baksteen opgetrokken torens ontwierp en in 1987 bouwde. Vanuit het doucheraam van mijn ouderlijk huis kon ik de baksteen kolossen als machtige bergen aan de horizon zien staan.

Zestien jaar na het beklimmen van een van de torens kan ik me nog goed herinneren wat ik dacht toen ik voor het eerst op de top van zo’n Wokkel zat. “Ook al val ik er nu van af en breek ik mijn been, dan heb ik in ieder geval de Wokkels beklommen!” Deze gedachte spookte door mijn hoofd toen ik opeens een doffe knal hoorde.
Het was niet de eerste keer dat ik probeerde deze kunstwerken te beklimmen, twee keer eerder was ik door de politie tegen gehouden voordat ik de top wist te bereiken. De eerste maal, toen de politieauto in het gras naast mijn zekeraar parkeerde was ik al halverwege. Mijn handen waren bezweet en mijn voeten trilden. De stress die ik voelde door de twee extra toeschouwers in blauwe pakken was wel het laatste wat ik toen kon gebruiken. Ze trokken tweemaal zacht aan mijn touw en ik besefte dat ze niet wilde dat ik door ging. Ik plaatste een nutje tussen twee bakstenen en vroeg mijn zekeraar het touw strak te trekken en me langzaam te laten zakken.
Eenmaal met beide benen op de grond kwamen de agenten op me af en vroegen me hoe ik dacht dat touw daar weer weg te krijgen. Eén harde zwiep was voldoende om het nutje tussen de bakstenen uit te wippen en alles viel voor onze voeten op de grond. Snel stopte we het klimmateriaal in onze rugzak en maakte ons uit de voeten. Bij de tweede poging koos ik voor een beklimming in het donker, maar ik had er geen rekening mee gehouden dat de Wokkels ’s avonds uitgelicht worden door een paar sterke lampen. Nog voordat ik aan klimmen toekwam stond de politie alweer in de berm. Toch was ik ervan overtuigd dat het een keer moest lukken, ik had gewoon geluk nodig.

In het voorjaar van 1995 deelde ik samen met mijn klimmaatje één gordel. We stonden opnieuw in het gras onderaan de Wokkels. Ik, de voorklimmer, mocht de gordel aan en werd gezekerd aan onze enige Friend, geplaatst tussen twee wijkende trottoirbanden. Als voorklimmer had ik slechts twee nutjes aan mijn gordel om als tussenzekering te gebruiken en bovenop de toren zou ik een rotshaak slaan om aan af te dalen.
Na meer dan een half uur treuzelend klimmen bereikte ik met knikkende knieën de met cement af gesmeerde bovenrand en wierp er een been overheen. Daar was ik dan, bovenop het kunstwerk, zittend op een rand van twee bakstenen breed. Het gevoel dat het me gelukt was en het vreemde perspectief dat ik vanaf de Wokkel had waren boeiend en vroegen om meer. “Ook al val ik er nu vanaf en breek ik mijn been, ik heb in ieder geval de Wokkels beklommen!” dacht ik toen er plotseling vanaf de weg een doffe knal klonk. Een automobilist was blijkbaar door iets afgeleid en achter op een andere langzaam rijdende auto geknald. Met een klauwhamer, geleend uit mijn vaders gereedschapskist, sloeg ik snel de rotshaak in het cement tussen twee bakstenen, hing het touw dubbel op en daalde af terwijl ik zonder moeite de tussenzekering lostrok. Met mijn klimschoenen en mijn gordel nog aan rende ik weg, gevolgd door mijn klimmaatje die het klimtouw in grote lussen achter zich aantrok.
January 11th, 2011 | Posted in Algemeen | Comments Off

Haast, geen tijd.
Ik doe voordat ik denk, te laat.
Haast, geen tijd.
Ik was, ik wil, ik ben.
Haast, geen tijd.
De wereld draait, ik duizel.
Haast, geen tijd.
Ik wil minder, er is steeds meer.
December 6th, 2010 | Posted in Algemeen | Comments Off
Sinds enige tijd loop ik rond met het idee om komende winter op expeditie te gaan naar het Tasermiut fjord in het zuiden van Groenland. Ik wil daar naar toe om de eerste winterbeklimming te volbrengen van de Nalumasortoq, een moeilijke berg met verticale rotswanden van zo’n 600 meter hoog. Na uitvoerig onderzoek ben ik tot de conclusie gekomen dat in dit gebied nog geen andere winterexpedities hebben plaatsgevonden. De expeditie zal hierdoor een zeer hoog pionierskarakter hebben.

Ik ben voor deze expeditie opzoek naar twee medeklimmers die bereidt zijn lange nachten en koude dagen door te brengen in een verticale wand, ver verwijderd van de bewoonde wereld. Het hoeft niet zo te zijn dat ieder teamlid tijdens deze beklimming voorop gaat, een klimmer met ondersteunende functie zal ook erg goed van pas komen.

Mocht je interesse hebben in dit project en heb je het idee capabel te zijn voor deze beklimming, neem dan gerust contact met me op!
Omdat er voor deze onderneming nog geen sponsoren zijn moet je rekening houden met een eigen bijdrage in de expeditiekosten. De expeditie zou plaats moeten vinden in februari en maart van 2011.
Contact: martin@bigwall.nl
November 8th, 2010 | Posted in Groenland winter 2011 | Comments Off
Op maandag kwam het idee dat we wel een weekje konden gaan klimmen, dinsdagochtend zit ik samen met Gerke Hoeksta in de auto richting noord Italië. Eindelijk weer eens samen op pad dus het onderste uit de kan! We hebben als doel een route vrij te klimmen op de oostwand van de Qualido. We voelen ons gemotiveerd en de weersvoorspellingen zijn goed, niks zal ons plan in de weg staan. Of toch?

In Zwitserland constateren we onder de duizend meter sneeuw en in Val di Mello wordt duidelijk dat ons lot de dagen ervoor reeds bepaald is. De eerste sneeuw is gevallen en in combinatie met het mooie weer zorgt dit voor smeltwater en dus voor natte rots. Koppig (of gemotiveerd) zoals we zijn besluiten we ons plan door te zetten en wel te zien waar we stranden. Met drie dagen voedsel en de nodige klimuitrusting gaan we omhoog door het Qualido dal. ‘s Avond zitten we bij een kampvuur, alleen niet onderaan de wand maar naast de auto. Overal in de wand sijpelde smeltwater naar beneden dus konden we niet anders dan toch maar opgeven.
De volgende dag proberen we op de zuidwand van de Asteroidi de klassieke route Oceano Irrazionale te beklimmen, maar onder het grote dak in touwlengte zes stroomt zoveel smeltwater dat door klimmen gewoon niet lukt.

‘s Avonds bij het kampvuur besluiten we de rest van de week in het westen van Duitsland, vlakbij Karlsruhe door te brengen. Hier ligt de Pfalz, een groot klimgebied dat een belangrijke rol heeft gespeeld in de ontwikkeling van de klimsport. Honderden zandstenen torens van goede kwaliteit staan verspreid in een heuvelachtig woud. Eenmaal aangekomen bij onze eerste toren krijg ik het gevoel dat deze rotsen er maar met één doel staan. De rotsstructuur en de wrijving zijn perfect, deze massieven zijn niet bedoeld om naar te kijken, hier moet op geklommen worden!
November 3rd, 2010 | Posted in Algemeen | Comments Off
In BLOK nummer 8 (oktober 2010) verscheen een dubbel interview met Jean-Pierre Bouvier en uw blogger. Het interview gaat over de verschillen en overeenkomsten tussen twee totaal verschillende klimmers en hun klimdisciplines. Door op onderstaande cover te klikken krijgt u een pdf-file van het interview te zien.

Ondersteun dit bijzondere Nederlandse initiatief door voor €25,- per jaar een abonnement te nemen.
October 17th, 2010 | Posted in Algemeen | Comments Off
October 15th, 2010 | Posted in Algemeen | 1 Comment
In het Noordpoolgebied is er momenteel minder zeeijs dan ooit gemeten is in deze tijd van het jaar. De kans is groot dat het laagterecord van 2007 dit jaar geëvenaard of verbroken wordt. Op de Zuidpool – waar het nu winter is – is het zeeijs juist toegenomen. De oppervlakte van het zeeijs was vorige maand groter dan ooit in een junimaand gemeten is sinds 1978.

De oorzaak van de verminderende ijsbedekking in het Noordpoolgebied is onder meer het steeds dunner worden van het zeeijs door hogere temperaturen. In de jaren 70 was het zeeijs gemiddeld nog 3 tot 4 meter dik; dat is nu 1 tot 1,5 meter. Daarbij komt nog dat het dunnere ijs veel sneller dan vroeger van de Beringstraat (tussen Alaska en VS) naar de Framstraat (tussen Spitsbergen en Groenland) stroomt.
De weersituatie in het Noordpoolgebied wijkt dit jaar sterk af van normaal. De afgelopen winter was het van Canada, Groenland tot Spitsbergen erg zacht. In januari heeft het op Groenland gedooid, terwijl West-Europa door hetzelfde weerpatroon juist een relatief koude winter had. In mei en juni was er veel zuidenwind in Oost-Siberië en Alaska die warme lucht aanvoerde. Een hogedrukgebied boven het ijs heeft er bovendien voor gezorgd dat de warmte aan de oppervlakte bleef hangen. Deze weersituaties hebben waarschijnlijk ertoe geleid dat er dit jaar minder zeeijs is dan de vorige twee jaar.
Het zal van het verdere weer afhangen hoe het verder gaat met het zeeijs deze zomer, maar als het zo doorgaat zal het minimum in september ongeveer even diep zijn als in 2007.

Aan het eind van het smeltseizoen van recordjaar 2007 was gemiddeld 4.3 miljoen vierkante kilometer oceaan in het Noordpoolgebied bedekt met ijs. Dat was 39 procent minder dan de gemiddelde bedekking in september over de periode 1979-2000. Sinds 1979 wordt via satellieten de ijsbedekking in de poolgebieden gemeten. Het minimum in 2007 lag ver onder de afnemende trend die op basis van modelsimulaties verwacht werd.
KNMI-onderzoek toont aan dat de oorzaak van de extreme ijssmelt in 2007 het gevolg is van een warme, vochtige luchttoevoer in het Noordpoolgebied. Door de hoge luchtvochtigheid bleef de warmte van ijs-en wateroppervlakte hangen (versterkt broeikaseffect) en straalde terug waardoor het zeeijs sneller smolt. (zie Verder Lezen/link). Een soortgelijk minimum in 2010 zou een aanwijzing kunnen zijn dat het onverwachte recordjaar 2007 geen incident was maar onderdeel van een sterker dan verwachte trend.
Het smelten van zeeijs heeft geen directe gevolgen voor de zeespiegel. Drijvend zeeijs verplaatst net zoveel water als het eigen gewicht. Wel kan het gevolgen hebben voor het klimaat in het Noordpoolgebied. IJssmelt zal de temperatuurstijging in de atmosfeer van de Noordpool versterken, wat kan bijdragen tot een verder afsmelten van de Groenlandse ijskap. Door smeltend zeeijs komt er meer zoet water in de Atlantische Oceaan en dat kan gevolgen hebben voor zeestromingen en hun warmtetransport. Daarbij zijn flora en fauna in het Noordpoolgebied afhankelijk van het zeeijs.
Bron: KNMI, 9 juli 2010.
July 9th, 2010 | Posted in Baffin Island 2010 | 1 Comment